Begin dit jaar was er veel aandacht voor het bloedig neerslaan van de protesten in Iran. Terecht! Vele duizenden vreedzaam demonstrerende burgers werden gruwelijk vermoord en meer nog gevangen gezet. In de EU, zeker ook in Nederland, werd het geweld en de tirannie die erachter schuilt breed veroordeeld. Hierbij werd vaak verwezen naar de Iraans-Amerikaanse mensenrechtenorganisatie HRANA, die vorige maand meer dan 6.500 doden telde.
Inmiddels worden in Iran ook veel burgers vermoord door de bommen die de VS en Israël op dichtbevolkte gebieden in Iran gooien. Dezelfde HRANA rapporteert inmiddels 1.245 burgerdoden, onder wie bijna tweehonderd kinderen. Honderden andere slachtoffers worden op dit moment geverifieerd. Verder zijn er uiteraard talloze andere slachtoffers, zoals gewonden (ruim 12.000) en meer dan honderdduizend ontheemden.
Ondertussen doodt Israël ook in Libanon opnieuw honderden mensen en worden nog altijd dagelijks Palestijnen vermoord. Tegelijk vallen onschuldige doden door Iraanse vergeldingsacties in de regio. Allemaal verwoeste levens door oorlog.
De ruime en terechte aandacht voor en verontwaardiging over burgerslachtoffers tijdens het neerslaan van de demonstraties eerder dit jaar in Iran staat in schril contrast met de aandacht voor onschuldige slachtoffers nu. Die is nagenoeg nihil. Zorgen en veroordelingen vanuit de politiek blijven grotendeels uit.
Collateral damage
Het doet denken aan wat in academische kringen ‘waardige’ en ‘onwaardige’ slachtoffers zijn gaan heten. Als het politiek goed uitkomt, is er ruime aandacht voor slachtoffers. Wanneer dat niet het geval is, bijvoorbeeld omdat niet de Iraanse regering maar twee met Nederland bevriende staten verantwoordelijk zijn, verworden burgerslachtoffers tot een voetnoot. Collateral Damage.
Dit is heel problematisch, omdat zo de gruwelijke werkelijkheid buiten beeld blijft – de verminkte lichamen, rokende puinhopen, giftige lucht, angst en wanhoop. Het blijft abstract en netjes. Terwijl deze realiteit ons juist moet motiveren om elke oorlog zo snel mogelijk te stoppen. Wie oog heeft voor dit leed, beseft dat oorlog nooit de oplossing is.
Het is belangrijk om het geweld van de Iraanse regering te veroordelen. Het is evengoed belangrijk om het Amerikaans-Israëlisch geweld, dat ook op grote schaal onschuldige mensen treft, te veroordelen. Denk aan de meer dan 165 meisjes die op dag één van de oorlog door een Amerikaans bombardement werden gedood in de zuidelijke stad Minab. Ook zij verdienen onze aandacht.
Daarom is het belangrijk dat de Nederlandse regering haar afschuw uitspreekt, inzet op een direct staakt-het-vuren en de Amerikaans-Israëlische oorlog – die in strijd is met het VN-Handvest – veroordeelt. Het is uitermate pijnlijk dat het nieuwe kabinet dit nog steeds niet heeft gedaan.
Dit artikel van Rolien Sasse verscheen eerder in de Volkskrant.