Categorieën
Nieuws

Welke Europese institutionele beleggers investeren in oorlog?

Ons nieuwe rapport, Invested in War, laat zien dat acht van de tien grootste Europese institutionele beleggers investeren in controversiële wapenhandel. Samen hebben de grootste Europese pensioenfondsen en verzekeraars in 2025 voor 5,9 miljard euro belegd in wapenproducenten die wapens verkopen aan staten waar een hoog risico bestaat dat deze bijdragen aan mensenrechtenschendingen. We onderzochten deze pensioenfondsen, verzekeraars en de bijbehorende bedragen.

Beeld: Jalaa Marey/AFP/ANP

De grootste Europese pensioenfondsen en verzekeraars hebben samen 5,9 miljard euro geïnvesteerd in wapenproducenten die wapens leveren aan staten waar een hoog risico bestaat dat deze bijdragen aan ernstige mensenrechtenschendingen, zoals aan Israël, Saoedi-Arabië, Pakistan, Egypte en de Verenigde Arabische Emiraten. Het Noorse staatspensioenfonds GPFG en de Duitse verzekeraar Allianz staan bovenaan het rijtje. Ook de Nederlandse pensioenfondsen ABP en PFZW komen in het rapport voor.

Tegen de achtergrond van de oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten zijn wapenbedrijven de belangrijkste profiteurs van de enorm toegenomen uitgaven aan defensie. Dit geldt met name voor Amerikaanse en Europese bedrijven. 

Geen acht op humanitair oorlogsrecht

De druk op beleggers om te investeren in de wapensector is ook toegenomen. Wapenproducenten en beleidsmakers dringen er zelfs op aan investeringen in de wapensector als ‘duurzaam’ te classificeren. Sommige beleggers zijn inderdaad bezig om delen van de wapensector op te nemen in hun ‘duurzame fondsen’. De duurzaamheidsclaims van de wapensector gaan hierbij voorbij aan de betrokkenheid van veel wapenbedrijven bij de verkoop van wapens aan regeringen die hun burgers met geweld onderdrukken of die deelnemen aan gewapende conflicten zonder veel acht te slaan op het humanitair oorlogsrecht. 

In maart 2025 waarschuwde de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN dat, te midden van het hoogste aantal gewelddadige conflicten sinds de Tweede Wereldoorlog, wapenleveranties bijdragen aan het verlengen van conflicten, aan interne onderdrukking en aan ernstige schendingen van het internationaal recht.  

Invested in War kijkt naar wapenleveranties van 14 van de grootste wapenbedrijven ter wereld, waaronder de Amerikaanse bedrijven Rolls-Royce, RTX, Boeing en General Dynamics, en de Europese bedrijven Airbus, BAE Systems en Thales. Tussen 2019 en 2024 hebben deze bedrijven wapens verkocht aan 52 staten waar een groot risico bestaat dat deze wapens bijdragen aan ernstige schendingen van de mensenrechten, schendingen van het humanitair oorlogsrecht of het verergeren van gewapende conflicten. Het rapport beschrijft onder andere de verkoop van wapens aan Israël. Dit land wordt beschuldigd van het plegen van genocide in Gaza. Ook wordt de verkoop van wapens aan de Verenigde Arabische Emiraten beschreven. Zij worden ervan worden beschuldigd wapens door te sluizen naar het door oorlog geteisterde Soedan, ondanks een VN-wapenembargo.  

Winst ten koste van burgers

Wapenbedrijven dragen verantwoordelijkheid voor de impact die hun producten wereldwijd hebben. Volgens internationaal geldende normen op het gebied van verantwoord ondernemen moeten bedrijven ervoor zorgen dat hun producten niet bijdragen aan mensenrechtenschendingen. Dit betekent dat zij geen wapens mogen verkopen aan staten waar een duidelijk risico bestaat op schendingen van de mensenrechten of het internationaal humanitair recht. Als die bedrijven dat toch doen, lopen ze het risico juridisch medeplichtig te worden aan internationale misdrijven. Volgens dezelfde normen hebben ook beleggers de verantwoordelijkheid om niet te beleggen in bedrijven wiens producten bijdragen aan mensenrechtenschendingen.

‘Beleggers die aandelen of obligaties bezitten in bedrijven die wapens exporteren naar risicovolle bestemmingen, maken winst ten koste van burgers die lijden onder het verwoestende geweld dat door deze wapens wordt veroorzaakt. Ze moeten in gesprek gaan met wapenbedrijven om hun gedrag te veranderen. En als dat niet gebeurt, moeten ze hun beleggingen beëindigen,’ zegt Eva Gerritse, beleidsexpert van PAX op het gebied van bedrijfsleven, conflict en mensenrechten. ‘Beleggers kunnen niet claimen dat ze zich houden aan normen voor verantwoord ondernemen én tegelijkertijd investeren in veel van ’s werelds grootste beursgenoteerde wapenbedrijven, gezien de betrokkenheid van deze bedrijven bij controversiële wapenhandel. Laat staan dat ze deze investeringen als ‘duurzaam’ kunnen bestempelen. De wereldwijde roep om meer te investeren in de wapensector zou juist moeten beginnen met het aanpakken van de vele controverses waarin deze industrie verwikkeld is. Beleggers moeten een duidelijk beleid ontwikkelen, waarbij bedrijven die wapens verkopen aan zeer controversiële bestemmingen worden uitgesloten van investeringen.’

Noot: De beleggingen van pensioenfondsen en verzekeraars die in het rapport worden getoond zijn gebaseerd op data uit onderzoek dat is uitgevoerd in april 2025. Het is mogelijk dat die cijfers niet overeenkomen met de huidige posities (April 2026). Zo geeft het Noorse pensioenfonds GPFG aan dat het sinds die tijd de bedrijven General Dynamics en L3 Harris heeft uitgesloten. Het Nederlandse pensioenfonds PFZW geeft aan dat zij per 30 september 2025 alleen nog een belegging heeft in Rolls-Royce, en niet langer belegd is in CSSC, Rheinmetall en Saab.

Bekijk ook