Het Nederlandse Nationaal Contactpunt (NCP) voor de OESO-richtlijnen heeft een klacht geaccepteerd tegen het Nederlandse logistieke bedrijf HES International en de Havenbedrijven van Rotterdam en Amsterdam. Deze beslissing opent een weg voor slachtoffers van “bloedkolen” in Colombia om schadeloosstelling te verkrijgen voor mensenrechtenschendingen.
De klacht betreft de gedwongen verdrijving van meer dan 59.000 mensen door rechtse paramilitaire groepen in de noordelijke mijnbouwregio Cesar in Colombia. Sinds ten minste 2009 zijn meer dan 100 miljoen ton kolen die verband houden met deze verdrijvingen naar en via Nederland vervoerd.
De zaak is ingediend door de Asamblea Campesina del Cesar por la Restitución de Tierras y el Buen Vivir (Asamblea Campesina), die slachtoffers van gedwongen verdrijving vertegenwoordigt. Dit is gebeurd, in samenwerking met PAX en SOMO.
Nederlandse bedrijven gelinkt aan “bloedkolen”
De klacht stelt dat HES International, een bedrijf dat kolenopslag- en verwerkingsinstallaties exploiteerde in de havens van Rotterdam en Amsterdam, evenals de havenbedrijven van beide steden, direct gelinkt zijn aan de gedwongen verdrijvingen via hun zakelijke relaties met bedrijven die betrokken zijn bij de winning, handel en verwerking van de zogenoemde “bloedkolen.”
Doordat de bedrijven hun invloed niet hebben aangewend om de mensenrechtelijke effecten in Colombia aan te pakken, zouden zij hebben gehandeld in strijd met de OESO-richtlijnen voor verantwoord ondernemen.
NCP neemt klacht in behandeling
Hoewel de beslissing om de klacht in behandeling te nemen nog niet bepaalt of de bedrijven de richtlijnen hebben geschonden, heeft de Nederlandse NCP geconcludeerd dat de in de klacht aangehaalde kwesties “materieel en onderbouwd” zijn en daarom verder onderzoek verdienen.
Het NCP heeft aangeboden te bemiddelen tussen de bedrijven en de maatschappelijke organisaties. Terwijl de klagers en de havenautoriteiten van Amsterdam en Rotterdam het aanbod accepteerden, heeft HES de bemiddeling geweigerd. Daarom zal het Nederlandse NCP nu de in de klacht aangehaalde kwesties onderzoeken en een openbare verklaring uitbrengen met aanbevelingen over de naleving van de Richtlijnen door HES.
In landen zoals Nederland en Canada riskeren bedrijven die de richtlijnen hebben geschonden het verlies van staatssteun, zoals exportkredietverzekeringen, innovatiesubsidies, overheidsopdrachten en handelsgerelateerde ondersteuning.
Getroffen gemeenschappen wachten nog op gerechtigheid
Asamblea Campesina, PAX en SOMO verwelkomen de beslissing van het NCP. Tot op heden hebben de meeste verdreven slachtoffers geen adequate schadeloosstelling ontvangen, en een groot deel van hun land blijft onrechtmatig onteigend.
Gemeenschapsleden die opkomen voor hun rechten worden dagelijks bedreigd door illegale gewapende groepen. Het bemiddelingsaanbod biedt een mogelijkheid voor langverwachte genoegdoening.
“Jarenlang zijn Nederlandse logistieke bedrijven gelinkt aan gedwongen verdrijvingen in Colombia door hun omgang met bloedkolen,” zegt Joseph Wilde-Ramsing, directeur Advocacy bij SOMO. “Zij moeten nu hun verbinding met deze gruwelijke mensenrechtenschendingen erkennen en hun invloed gebruiken om de effecten aan te pakken.”
Joris van de Sandt, programmamanager bij PAX, die de Asamblea Campesina al meer dan 12 jaar ondersteunt in hun inspanningen om Europese bedrijven verantwoordelijk te houden, voegt toe: “Deze beslissing van het Nederlandse NCP is een broodnodige sprank van hoop voor gemeenschappen die veel te lang op genoegdoening hebben moeten wachten. Het laat zien dat hun strijd eindelijk wordt erkend.”
Een woordvoerder van de Asamblea Campesina zegt: “Er loopt een spoor van bloed van onze gemeenschappen in Cesar, Colombia, naar de lichtschakelaars in Nederland. Onze mensen zijn vermoord, bedreigd en verdreven van land dat nu in handen is van mijnbouwbedrijven. We hopen dat deze bemiddeling meer brengt dan woorden – het is tijd dat bedrijven verantwoordelijkheid nemen en reparaties bespreken met onze gemeenschappen.”
Groeiende politieke druk
Na jarenlange campagnes tegen de rol van bedrijven in bloedkolen, nam de gemeenteraad van Amsterdam in oktober 2023 een aantal moties aan. De raad sprak zich uit voor een verbod op de invoer van Colombiaanse kolen via de Amsterdamse haven. Ook werd het Havenbedrijf gevraagd bij te dragen aan herstel van mensenrechtenschendingen die verband houden met de kolenwinning.
Naast de drie logistieke bedrijven is de klacht ook ingediend tegen drie grote energiebedrijven: RWE AG, Uniper SE en Vattenfall AB, die aanzienlijke volumes kolen uit de regio Cesar hebben afgenomen.
De NCP-beslissingen over het al dan niet accepteren van de klacht tegen deze drie energiebedrijven worden binnenkort verwacht.
De NCP publicaties zijn middels onderstaande links te bekijken:
- https://www.oecdguidelines.nl/latest/news/2025/08/21/initial-assessment-asamblea-campesina-et-al-vs.-port-of-amsterdam
- https://www.oecdguidelines.nl/latest/news/2025/08/21/initial-assessment-asamblea-campesina-et-al-vs.-port-of-rotterdam
- https://www.oecdguidelines.nl/latest/news/2025/08/21/initial-assessment-asamblea-campesina-et-al-vs-hes