Deze herbeoordeling van het ministerie volgde op het eerdere besluit van de Nederlandse regering in november 2025 om het verbod om F-35 onderdelen naar Israël in stand te houden en na een halfjaar de situatie opnieuw te bekijken. Zo’n herbeoordeling betekent dat de overheid opnieuw kijkt naar de risico’s en gevolgen van wapenexport, bijvoorbeeld of er een serieus risico is dat onderdelen worden gebruikt bij schendingen van het oorlogsrecht. Die herbeoordeling werd vandaag bekend.
De conclusie: de situatie in Gaza is nog steeds zó ernstig dat Nederland hier niet aan mag bijdragen. Daarom blijft het eerdere oordeel overeind. Dat bevestigt wat de regering een half jaar geleden ook al uitsprak nadat de Hoge Raad een herbeoordeling van de vergunning had geëist. Dat is niet meer dan logisch.
Directe export naar Israël blijft daarom dus stilliggen. Maar ondertussen komen Nederlandse F-35-onderdelen via een omweg nog steeds in Israël terecht. Nederland levert deze onderdelen aan de VS, terwijl bekend is dat die net zo goed worden ingezet door Israëlische gevechtsvliegtuigen.
Daarom voeren wij óók een rechtszaak tegen deze indirecte leveringen. Want hoe kan het zo zijn dat Nederland de (rechtstreekse) export naar Israël verbiedt vanwege het risico op ernstige schendingen van het oorlogsrecht, maar tegelijkertijd blijft toestaan dat F-35 onderdelen via de VS alsnog in Israël belanden? De route is anders, maar de gevolgen niet.
Dat is extra zorgwekkend nu Israël het gebruik én de aankoop van F-35’s verder opschaalt. Nederlandse onderdelen dragen daar dus nog altijd aan bij. Dat is onacceptabel.
De volgende zitting staat gepland op 10 juli bij het Gerechtshof Den Haag. We hebben jullie steun hard nodig om dit te stoppen. Elke donatie voor het voeren van de rechtszaken helpt!
Alles over de rechtszaak
Hier vind je een overzicht van het verloop van de rechtszaken en de huidige status.