Hoewel de aanvallen van de Houthi’s op commerciële of humanitaire schepen op geen enkele manier gerechtvaardigd zijn, blijft de noodzaak om de vijandelijkheden in de regio te stoppen dringend – in het bijzonder door een einde te maken aan de genocide in Gaza . Zonder de oorzaken van het conflict aan te pakken, zal de vicieuze cirkel van geweld en milieuschade in de Rode Zee alleen maar voortduren, met steeds grotere risico’s voor ecosystemen en burgers die daarvan afhankelijk zijn.
Tussen 6 en 8 juli vielen door Iran gesteunde Houthi-militanten uit Jemen twee vrachtschepen aan met explosieve drones, raketten en gewapende boten, waarbij beide schepen zwaar beschadigd raakten en uiteindelijk tot zinken werden gebracht. Naast de voortdurende verstoring van de commerciële scheepvaart en het tragische verlies van mensenlevens onder de bemanning, resulteren de aanvallen in een milieuramp, met enorme olielekken die het ecosysteem van de Rode Zee bedreigen en olievlekken die momenteel richting de kust van Eritrea drijven. De internationale gemeenschap moet snel handelen om een grotere ramp te voorkomen en de internationale hulpmechanismen voor milieurampen door conflict versterken.

Beide schepen, de MAGIC SEAS en de ETERNITY C, zijn vrachtschepen, eigendom van Griekse bedrijven en varend onder de Liberiaanse vlag. De MAGIC SEAS vervoerde naar verluidt 17.000 ton kunstmest, vermoedelijk ammoniumnitraat, en een onbekende hoeveelheid staal van China naar Turkije, terwijl de ETERNITY C terugkeerde van een humanitaire levering van hulp aan Somalië voor het Wereldvoedselprogramma. De schepen werden door de Houthi’s – ook wel Ansar Allah genoemd – aangevallen. Zij beschrijven de aanvallen als een solidariteitsactie met de Palestijnen, te midden van de Israëlische aanvallen op Gaza. Daarmee wordt de campagne van maritieme aanvallen van de gewapende groep uit Jemen voortgezet, die sinds november 2023 aan de gang is. Kort nadat de Houthi’s de controle over de schepen hadden overgenomen, plaatsten zij explosieven en brachten beide schepen tot zinken. Hoewel de meeste bemanningsleden uiteindelijk werden gered, kwamen verschillende zeelieden om het leven, anderen werden gegijzeld door de militanten of zijn als vermist gemeld.

Acute milieurisico’s door aanvallen
Naast de herhaalde verstoringen van de scheepvaart in de Rode Zee en de slachtoffers onder de bemanningsleden, brengen deze aanvallen alarmerende milieurisico’s met zich mee. Beelden die via de sociale mediakanalen van de Houthi’s werden verspreid, tonen olielekken die zich rond de schepen vormen na hun zinken. In de daaropvolgende dagen gaven satellietbeelden meerdere grote olievlekken aan rond de locaties van de schepen. Deze schepen gebruiken vaak zware stookolie en diesel, die specifieke eigenschappen vertonen bij het verspreiden in de zee, en een lichte en donkere olie film op het wateroppervlak vormen, die zichtbaar is op satelliet- en luchtbeelden. Bij dit soort olievlekken verdampt een deel van de olie, een deel verdunt of zinkt, terwijl de rest met de stroming meebeweegt en de kust kan bereiken, wat schadelijke gevolgen heeft voor flora en fauna.

PAX begon met het monitoren van de olievlekken om de richting van hun beweging en de potentiële risico’s voor de zee- en kustomgevingen van Eritrea en Jemen in kaart te brengen. Drie enorme olievlekken, respectievelijk 80, 45 en 46 kilometer lang, afkomstig van de ETERNITY C, bewogen zich aanvankelijk zuid oostwaarts richting de Hanish-eilanden, maar stromingen brachten ze dichter bij de Eritrese kust. Een andere grote olievlek van 45 km lang, afkomstig van de MAGIC SEAS, nadert eveneens de Eritrese kust. Beelden verstrekt aan PAX door Planet tonen hoe de olievlek nu de kustgebieden in een afgelegen deel van Eritrea aantast. Op 17 juli was de noordelijke olievlek van 30 km lang, nog maar 17 km verwijderd van de stad Tylo, en naderde het Buri-Irrori Hawakil Protected Nature Reserve.

Afhankelijk van de verdere beweging van de olievlekken, kunnen ze verschillende beschermde gebieden aantasten, waaronder het Barasole Protected Seascape, een unieke biodiversiteitshotspot, met zeeschildpadden, zeegras, mangroven, en dat deel uitmaakt van een vogeltrekroute. Er zijn plannen om Barasole onderdeel te maken van het Buri‑Irori‑Hawakil‑Berasole-mosaïek, een voorgesteld beschermd gebied van ongeveer 150.000 hectare. De laatste beelden van Planet op 17 juli tonen de olievlek slechts 13 km verwijderd van dit natuurreservaat.

Op het land kunnen de olievlekken risico’s vormen voor de bestaansmiddelen van gemeenschappen van vissers. De afgelegen ligging van deze gebieden maakt het bovendien moeilijk om opruimploegen en materiaal naar de locaties te brengen.

Er zijn ook zorgen over de mogelijke milieueffecten van de kunstmestlading aan boord van de MAGIC SEAS. Als de inhoud in zee terecht komt, kan dat grote ecologische risico’s opleveren, zoals eutrofiëring, zuurstofverlies, giftige ammoniakophoping en grootschalige schade aan het mariene ecosysteem, inclusief massale algenbloei en dode zones door zuurstofgebrek. In het ergste geval kan dit leiden tot massale vissterfte en schade aan sessiele organismen.
Milieuacties nodig om levensonderhoud en biodiversiteit te beschermen
Dit is niet de eerste keer dat het milieu van de Rode Zee in gevaar komt door vervuiling veroorzaakt door maritieme aanvallen of bredere conflictdynamiek in de regio. In het verleden hielp gecoördineerde internationale actie om grootschalige milieurampen te voorkomen bij het zinken of vergaan van schepen. In 2024 werd de brandende olietanker Sounion, die ook werd aangevallen door de Houthi’s, veilig geborgen door de EU-missie Operation Aspides, waarmee een potentiële olieramp werd voorkomen. In 2023 voorkwam een door de VN geleide operatie een dreigende milieu- en humanitaire ramp door meer dan een miljoen vaten olie van de verouderde olietanker FSO SAFER voor de kust van Jemen over te pompen.

In reactie op de aanvallen van vorige week gaf de VN-Veiligheidsraad toestemming voor maandelijkse rapportage door de VN-Secretaris-Generaal over de aanvallen van de Houthi’s op de scheepvaart in de Rode Zee. Het is echter van cruciaal belang dat de staten verder gaan dan alleen veroordeling en snel actie ondernemen om de gezonken schepen te bergen en olievervuiling op te ruimen. De volgende stappen moeten worden genomen:
- Start en financier een bergingsoperatie met sterke milieu expertise om de wrakken van de gezonken schepen te verwijderen, resterende gevaarlijke lading of brandstof te beheren, en olie-vervuiling van het kust- en mariene milieu aan te pakken
- Ondersteun de opruiming en het herstel van aangetaste kustgebieden in Eritrea door gespecialiseerde milieu organisaties en waarborg duurzaam milieutoezicht in die gebieden, inclusief ecologisch gevoelige en beschermde gebieden zoals Barasole
- Integreer milieu capaciteit in vredesmissies en maritieme bescherming operaties in de regio, zodat deze beschikken over expertise op het gebied van milieurisicobeoordeling en responsteams – hetzij via eigen teams, hetzij door samenwerking met gespecialiseerde milieu organisaties.
Meer in het algemeen benadrukken deze recente maritieme aanvallen, die een duidelijke milieudimensie hebben, opnieuw de noodzaak voor de oprichting en financiering van een internationaal mechanisme om te reageren op milieu-gerelateerde noodsituaties in conflicten. Het huidige gebrek aan een structurele aanpak van conflict-vervuiling en bredere milieurisico’s door gewapende vijandelijkheden onderstreept het belang van het bevorderen van een alomvattende Milieu, Vrede en Veiligheid-agenda op internationaal niveau – om een betere bescherming van zowel mensen als het milieu waar ze van afhankelijk zijn te waarborgen.
Ten slotte, hoewel de aanvallen van de Houthi’s op commerciële of humanitaire schepen op geen enkele manier gerechtvaardigd zijn, blijft de dringende behoefte om de vijandelijkheden in de regio te stoppen – in het bijzonder door een einde te maken aan de genocide in Gaza. Zonder de wortels van het conflict aan te pakken, zal de vicieuze cirkel van geweld en milieuschade in de Rode Zee alleen maar voortduren, met steeds grotere risico’s voor ecosystemen en burgerlevens.